BAC 2025-16624
Publicatiedatum 06-08-2026
Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen
Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)
Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende
Primair besluit: 30 augustus 2023 (UHT-DCHA)
Hoorzitting: 20 mei 2026
Overdracht advies aan UHT: 3 juni 2026
Samenvatting
De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar ongegrond te verklaren.
Onderwerp van advies
Het door gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift is gericht tegen de door UHT genomen definitieve beschikking kinderopvangtoeslag van 30 augustus 2023 met kenmerk UHT-DCHA (hierna: het bestreden besluit).
Aan belanghebbende is met toepassing van de Wet hersteloperatie toeslagen (hierna: Wht) geen compensatie toegekend voor de jaren 2018 en 2019.
Procesverloop
- Belanghebbende heeft op 25 april 2022 verzocht om een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT). UHT heeft in overleg met belanghebbende de jaren 2018 en 2019 herbeoordeeld.
- De Commissie van Wijzen (hierna: CvW) heeft haar beoordeling van het verzoek van belanghebbende op 18 augustus 2023 aan UHT toegestuurd. De CvW heeft geoordeeld dat de compensatieregeling van artikel 2.1 eerste lid, Wht niet van toepassing is voor de toeslagjaren 2018 en 2019.
- UHT heeft bij bestreden besluit aan belanghebbende meegedeeld dat zij geen recht heeft op compensatie voor de jaren 2018 en 2019.
- Gemachtigde heeft bij brief van 17 juli 2024 tegen dit besluit een bezwaarschrift ingediend.
- UHT heeft op 1 juli 2025 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift.
- Op 20 mei 2026 heeft een hoorzitting plaatsgevonden. Van de hoorzitting is een verslag gemaakt, dat achter het advies is gevoegd.
- Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en twee commissieleden.
Ontvankelijkheid
Niet in geschil is dat het bezwaarschrift ontvankelijk is.
Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit
De Commissie ziet zich gesteld voor de vraag of UHT terecht en op goede gronden is gekomen tot haar beslissing om het verzoek van belanghebbende om compensatie of tegemoetkoming voor de toeslagjaren 2018 en 2019 af te wijzen.
Toeslagjaren 2018 en 2019
De Commissie heeft geen aanknopingspunten kunnen vinden om te adviseren dat de Belastingdienst/Toeslagen (hierna: B/T) bij de toekenning, aanpassing of terugvordering van de KOT voor de toeslagjaren 2018 en 2019 institutioneel vooringenomen heeft gehandeld of dat het stelsel te hard heeft uitgewerkt.
Over 2018 zijn geen bezwaargronden ingediend.
Ten aanzien van toeslagjaar 2019 is op de hoorzitting namens belanghebbende betoogd dat de verlaging van de KOT bij besluit van 6 november 2020 van €6.616,- naar €4.394,- vooringenomen is.
De Commissie overweegt als volgt. Volgens artikel 2.1 lid 1 Wht vindt toekenning van compensatie plaats aan aanvragers die gedupeerd zijn door institutionele vooringenomenheid of door de hardheid van de toepassing die vóór 23 oktober 2019 werd gegeven aan het wettelijke systeem. Voor toeslagjaar 2019 geldt dat de KOT automatisch is gecontinueerd vanuit 2018; op 27 december 2019 is een voorschotbeschikking afgegeven van €7.779,-. Vervolgens is de KOT bij beschikking van 21 januari 2019 verlaagd naar €6.032,- vanwege een verlaging van het aantal opvanguren door belanghebbende. Dit betreft een reguliere bijstelling.
De Commissie ziet daarom geen aanknopingspunten om te veronderstellen dat de beslissingen die B/T na 23 oktober 2019 heeft genomen ten aanzien van het recht op KOT in het jaar 2019, waaronder het besluit van 6 november 2020, verband houden met vooringenomen handelen of hardheid van voor 23 oktober 2019.
De Commissie adviseert UHT daarom om dit onderdeel van het bezwaar ongegrond te verklaren.
Proceskostenvergoeding
Nu de Commissie niet adviseert het primaire besluit te herroepen, is er geen aanleiding een vergoeding van de proceskosten toe te kennen.
Conclusie
Samengevat adviseert de Commissie om het bezwaar ongegrond te verklaren.
[handtekening]
Secretaris
[handtekening]
Fungerend voorzitter