BAC 2025-15969
Publicatiedatum 13-05-2026
Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen
Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)
Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende
Primair besluit: 12 januari 2023 (UHT-DC-I-A en UHT-DH5 A), 27 december 2023 (UHT-DCHO)
Hoorzitting: 7 april 2026
Overdracht advies aan UHT: 13 april 2026
Samenvatting
De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar gegrond te verklaren en belanghebbende te compenseren vanwege vooringenomen handelen voor de toeslagjaren 2014, 2015 en 2016. Voorts adviseert de Commissie het verzoek om een proceskostenvergoeding toe te kennen.
Onderwerp van advies
De door gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschriften zijn gericht tegen de volgende door UHT genomen beschikkingen:
- De op 12 januari 2023 genomen (herziene) beschikking met kenmerk UHT-DC-I A, waarin UHT beslist dat belanghebbende geen recht heeft op compensatie voor de toeslagjaren 2013, 2014 en 2015. De reden is dat de Belastingdienst/Toeslagen (hierna: B/T) bij de beoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) voor deze jaren geen fouten heeft gemaakt.
- De op 12 januari 2023 genomen (herziene) beschikking met kenmerk UHT-DH5 A, waarin UHT beslist dat belanghebbende geen recht heeft op compensatie voor de toeslagjaren 2013, 2014 en 2015. De reden is dat B/T bij de beoordeling van de KOT voor deze jaren niet te streng is geweest.
- De op 27 december 2023 genomen beschikking met kenmerk UHT-DCHO, waarin UHT beslist aan belanghebbende een tegemoetkoming opzet/grove schuld (hierna: O/GS-tegemoetkoming) toe te kennen van € 9.913 voor de toeslagjaren 2014 tot en met 2016. B/T heeft onterecht niet meegewerkt aan een betalingsregeling.
Procesverloop
- Belanghebbende heeft op 23 november 2020 en 4 februari 2021 verzocht om een herbeoordeling van de KOT voor de toeslagjaren 2013, 2014 en 2015. In overleg met belanghebbende ziet de herbeoordeling ook op toeslagjaar 2016.
- Op 1 april 2021 heeft UHT op basis van de eerste lichte toets op grond van de Catshuisregeling € 30.000 toegekend aan belanghebbende.
- Op 12 april 2022 en 27 november 2023 heeft de Commissie van Wijzen geoordeeld dat de compensatieregeling wegens vooringenomenheid en hardheidscompensatie niet van toepassing zijn op de toeslagjaren 2013 tot en met 2016. Voor de toeslagjaren 2014 tot en met 2016 dient een O/GS-tegemoetkoming te worden toegekend.
- Op 12 januari 2023 heeft UHT compensatie voor de toeslagjaren 2013 tot en met 2015 afgewezen.
- Op 27 december 2023 heeft UHT aan belanghebbende een O/GS-tegemoetkoming van € 9.913 toegekend voor de toeslagjaren 2014 tot en met 2016. Vanwege het surplus van de Catshuisregeling volgde geen nabetaling.
- Gemachtigde heeft tegen alle besluiten een separaat bezwaarschrift ingediend.
- Op 26 juni 2025 heeft UHT een schriftelijke beschouwing ingediend.
- Op 7 april 2026 heeft een hoorzitting plaatsgevonden. Het hoorverslag is bij dit advies gevoegd.
- Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en twee commissieleden.
Ontvankelijkheid en algemene opmerkingen
Niet is geschil is dat de bezwaren ontvankelijk zijn.
Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit
Tijdens de hoorzitting heeft UHT aangegeven dat niet is geschil is dat B/T vooringenomen heeft gehandeld jegens belanghebbende voor de toeslagjaren 2014, 2015 en 2016.
Omdat UHT het naar aanleiding van hetgeen belanghebbende tijdens de hoorzitting heeft verteld, aannemelijk vindt zij in de betreffende jaren opvang heeft afgenomen, zal UHT belanghebbende alsnog compenseren wegens vooringenomen handelen voor de toeslagjaren 2014, 2015 en 2016. De Commissie adviseert UHT om aan deze toezegging gevolg te geven.
Voorts merkt de Commissie op dat, gelet op artikel 2.6 lid 4 Wht, een O/GS-tegemoetkoming achterwege blijft als ten aanzien van de terugvordering recht bestaat op compensatie over hetzelfde berekeningsjaar.
Proceskostenvergoeding
Nu het primaire besluit naar het oordeel van de Commissie dient te worden herroepen, adviseert de Commissie tot toewijzing van het verzoek om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in deze bezwaarprocedure op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht. De Commissie adviseert om hierbij de hoogste vergoeding toe te kennen met wegingsfactor twee.
Conclusie
Samengevat adviseert de Commissie om:
- het bezwaar gegrond te verklaren en belanghebbende te compenseren wegens vooringenomen handelen voor de toeslagjaren 2014, 2015 en 2016;
- het verzoek om een proceskostenvergoeding toe te kennen.
[handtekening]
Secretaris
[handtekening]
Fungerend voorzitter