Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

BAC 2025-15549

Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen

Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)

Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende

Primair besluit: 18 april 2024 (UHT-DCHO)

Hoorzitting: 13 augustus 2025

Overdracht advies aan UHT: 2 december 2025

Samenvatting

De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar gegrond te verklaren, aan belanghebbende alsnog een compensatie over toeslagjaren 2007 en 2012 toe te kennen op grond van vooringenomen handelen en een proceskostenvergoeding toe te kennen.

Onderwerp van advies

Het door de gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift is gericht tegen de door UHT genomen definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag.

Aan belanghebbende is met toepassing van de Wet hersteloperatie toeslagen (hierna: Wht) compensatie toegekend voor een bedrag van €18.647,- en een tegemoetkoming op grond van onterechte Opzet/Grove Schuld (O/GS-tegemoetkoming) toegekend van €2.727,-.

Het totale bedrag van €21.374,- is op grond van de Catshuisregeling aangevuld tot €30.000,-.

Procesverloop

  • Belanghebbende heeft op 13 april 2021 verzocht om een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT). UHT heeft de jaren 2009, 2012 en 2013 herbeoordeeld.
  • UHT heeft bij beschikking van 3 juni 2021 met kenmerk UHT-B DMB2 aan belanghebbende meegedeeld dat zij in aanmerking komt voor een betaling van €30.000,-.
  • De Commissie van Wijzen (hierna: CvW) heeft haar beoordeling van het verzoek van belanghebbende op 29 maart 2024 aan UHT toegestuurd. De CvW heeft geadviseerd dat gedurende de jaren 2012 en 2013 geen sprake is geweest van institutionele vooringenomenheid of bijzondere omstandigheden.
  • UHT heeft bij de bestreden beschikking met kenmerk UHT-DCHO aan belanghebbende compensatie toegekend voor een bedrag van €18.647,- voor het jaar 2009. Voor de jaren 2012 en 2013 is geen compensatie toegekend.
    Wel is voor die jaren een tegemoetkoming op grond van onterechte Opzet/Grove Schuld (O/GS-tegemoetkoming) toegekend van €2.727,-.
  • Gemachtigde heeft bij brief van 15 mei 2024 tegen deze beschikking een bezwaarschrift ingediend.
  • UHT heeft op 3 juni 2025 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift.
  • Gemachtigde heeft bij brief van 25 juli 2025, het bezwaarschrift aangevuld.
  • Op 7 augustus 2025 heeft gemachtigde het bezwaarschrift nogmaals aangevuld en een aanvullend stuk overgelegd.
  • Op 12 augustus 2025 heeft UHT hierop gereageerd en een aanvullend stuk overgelegd.
  • Op 13 augustus 2025 heeft een hoorzitting plaatsgevonden. Van de hoorzitting is een verslag gemaakt, dat achter het advies is gevoegd.
  • UHT heeft, daartoe door de Commissie ter zitting verzocht, op 21 augustus 2025 een nadere schriftelijke reactie ingediend, op 2 oktober 2025 aangevuld. Gemachtigde heeft daar op 20 oktober 2025 op gereageerd.
  • Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en twee commissieleden.

Ontvankelijkheid

Niet in geschil is dat het bezwaarschrift ontvankelijk is.

Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit

In de loop van de bezwaarprocedure is toeslagjaar 2007 in de beoordeling betrokken. Na nadere toelichting door UHT in de aanvullende beschouwingen heeft gemachtigde in de aanvullende gronden van 20 oktober 2025 aan de Commissie medegedeeld dat uitsluitend toeslagjaar 2007 nog in het geding is. Gelet hierop beperkt de Commissie haar advies tot dit toeslagjaar. De andere toeslagjaren behoeven in dit advies geen verdere bespreking meer, waarbij de Commissie erop wijst dat UHT toeslagjaar 2012 alsnog compenseert, zoals vermeld in de aanvullende beschouwing van 25 augustus 2025.

Toeslagjaar 2007
Belanghebbende heeft geconstateerd dat toeslagjaar 2007 ten onrechte niet is beoordeeld. UHT heeft dit toeslagjaar alsnog herbeoordeeld en stelt zich op het standpunt dat B/T destijds bij belanghebbende twee keer schriftelijk om informatie heeft gevraagd (productie 2700013 en 2700014) en dat zij niet of onjuist heeft gereageerd (productie 2700015 en productie 2700016). Daarom kon haar recht op kinderopvangtoeslag voor dit jaar niet worden bepaald en is geen sprake van vooringenomen handelen. Naar aanleiding van het door belanghebbende ingediende bezwaar, binnengekomen bij BD/T op 27 mei 2011 (productie 2700017), heeft BD/T de kinderopvangtoeslag per beschikking van 15 juli 2011 alsnog vastgesteld op €4.739 (productie 2700018). UHT wijst erop dat de nihilstelling binnen twee maanden is gecorrigeerd en dat er geen terugvorderingen hebben plaatsgevonden (productie 2700019).

Bij de aanvullende gronden van 20 oktober 2025 wijst gemachtigde erop dat bij het bezwaar van belanghebbende van 22 mei 2011 tegen de nihilstelling van
13 mei 2011 als bijlage haar ingevulde informatie, gedateerd 11 maart 2011, was gevoegd. Deze informatie betrof een reactie op de uitvraag van 4 maart 2011.

De Commissie gaat ervan uit dat deze reactie door belanghebbende daadwerkelijk is ingezonden, nu UHT geen tijdlijn of aanvullende informatie heeft overgelegd, waaruit het tegendeel blijkt. Uit het Handboek IB volgt dat, nu op deze informatie door de Belastingdienst kennelijk niet is gereageerd de nihilstelling van 13 mei 2011 moet worden aangemerkt als vooringenomen handelen.1

De latere correctie doet hier niet aan af, aangezien de nihilstelling expliciet en kenbaar aan belanghebbende is meegedeeld bij brief van 11 mei 2011 en bij beschikking van 13 mei 2011.

Gelet hierop adviseert de Commissie aan UHT om, naast de toegezegde compensatie over toeslagjaar 2012, aan belanghebbende alsnog ook een compensatie toe te kennen over toeslagjaar 2007.

Proceskostenvergoeding
Nu het primaire besluit naar de mening van de Commissie dient te worden herroepen, omdat dit besluit onvolledig was, adviseert de Commissie om het verzoek om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in deze bezwaar-procedure toe te wijzen. Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht heeft belanghebbende recht op een forfaitaire vergoeding op basis van 2 procespunten (bezwaarschrift en verschijnen hoorzitting) met een wegingsfactor 2. Net als in eerdere zaken adviseert de Commissie daarbij de hoogste vergoeding per procespunt toe te kennen.

Conclusie

Samengevat adviseert de Commissie om het bezwaar gegrond te verklaren en om:

  • alsnog (naast over 2012 ook) een compensatie op grond van vooringenomen handelen toe te kennen over toeslagjaar 2007;
  • een vergoeding van de proceskosten voor de onderhavige bezwaarprocedure toe te kennen van twee procespunten met wegingsfactor twee voor het hoogste tarief.

[handtekening]

Secretaris

[handtekening]

Fungerend voorzitter