BAC 2025-15547
Publicatiedatum 01-04-2026
Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen
Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)
Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende
Primair besluit: 24 november 2024 (UHT-DCH)
Hoorzitting: 4 september 2025
Overdracht advies aan UHT: 17 november 2025
Samenvatting
De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar gegrond te verklaren; de bestreden beschikking te herroepen en opnieuw te beslissen met inachtneming van dit advies. Tevens adviseert de Commissie belanghebbende in de beslissing op bezwaar van een antwoord te voorzien op de vraag wat de bepaling van de startdatum van het ontstaan van de KOT-schuld ten gevolge heeft voor de procedure inzake vergoeding van Werkelijke Schade. Ten slotte adviseert de Commissie om het verzoek om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand toe te wijzen.
Onderwerp van advies
Het door gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift is gericht tegen de door UHT genomen definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag.
Procesverloop
- Belanghebbende heeft op 23 februari 2023 verzocht om een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) over de jaren 2008 en 2009.
- UHT heeft bij beschikking van 8 mei 2021 aan belanghebbende medegedeeld dat hij in aanmerking komt voor een betaling van € 30.000 op grond van de Catshuisregeling.
- UHT heeft bij de bestreden beschikking aan belanghebbende een compensatie toegekend voor een bedrag van € 31.015.
- Gemachtigde heeft bij brief van 14 december 2023 tegen deze beschikking een bezwaarschrift ingediend.
- Gemachtigde heeft bij brief van 3 juli 2025, ingekomen op 3 juli 2025, het bezwaarschrift aangevuld.
- UHT heeft op 3 juli 2025 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift.
- UHT heeft op 2 september 2025 een aanvullende schriftelijke beschouwing opgesteld.
- Op 4 september 2025 heeft een hoorzitting plaatsgevonden. Van de hoorzitting is een verslag gemaakt, dat achter het advies is gevoegd.
- UHT heeft, daartoe door de Commissie ter zitting verzocht, op 15 oktober 2025 een aanvullende schriftelijke beschouwing ingediend. Gemachtigde heeft daar op 3 november 2025 op gereageerd.
- Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter, eerste commissielid en tweede commissielid.
Ontvankelijkheid
Niet in geschil is dat het bezwaar ontvankelijk is.
Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit
De Commissie ziet zich gesteld voor de vraag of UHT de toegekende compensatie op de juiste wijze heeft berekend.
Startdatum ontstaan KOT-schuld en de gevolgen hiervan voor de procedure inzake de vergoeding van werkelijke schade
Belanghebbende stelt dat de KOT-schuld vóór de gehanteerde startdatum is ontstaan. UHT heeft in haar aanvullende schriftelijke beschouwing van 15 oktober 2025 opgemerkt dat niet is gebleken van eerdere terugvorderingen, en dat de juiste startdatum - te weten 14 september 2010 – is gehanteerd bij de berekening van het te compenseren bedrag. De Commissie overweegt als volgt.
Blijkens hetgeen tijdens de hoorzitting en na afloop van de hoorzitting is behandeld, moet hetgeen partijen nog verdeeld laat voornamelijk worden gezocht in de gevolgen die de bepaling van de startdatum heeft voor de procedure aangaande de vergoeding voor werkelijke schade. De Commissie acht de vaststelling van de startdatum voor de vergoeding voor immateriële schade in de onderhavige procedure, bij gebrek aan in andere richting wijzende gegevens, in lijn met het normatief kader van de Wht. Het bezwaar is op dit onderdeel ongegrond.
Dit gezegd hebbende kan de Commissie zich voorstellen dat het belanghebbende thans niet volledig duidelijk is wat de precieze gevolgen zijn van de standpuntinname van UHT voor de procedure inzake Werkelijke Schade. De Commissie adviseert UHT om in de beslissing op bezwaar belanghebbende van een antwoord te voorzien op de vraag wat de bepaling van de startdatum van het ontstaan van de KOT-schuld ten gevolge heeft voor de procedure inzake vergoeding van Werkelijke Schade, en hierbij bovendien een en ander nader te motiveren ten aanzien van de door gemachtigde ingebrachte punten over het onderzoek naar de Appelbloesem.
Hoogte compensatieberekening toeslagjaar 2009
UHT heeft in haar aanvullende schriftelijke beschouwing van 2 september 2025 de compensatieberekening over toeslagjaar 2009 op punten aangepast. De Commissie adviseert UHT om, aansluitend bij haar eigen standpunt, de compensatieberekening opnieuw vast te stellen overeenkomstig het in de aanvullende schriftelijke beschouwing van 2 september 2025 gestelde.
Kosten voor rechtsbijstand
Nu het bezwaar tegen de bestreden beschikking naar het oordeel van de Commissie gegrond is en de Commissie adviseert tot het herroepen van de bestreden beschikking, adviseert de Commissie om het verzoek tot vergoeding van de kosten van rechtsbijstand toe te wijzen.
Conclusie
Samengevat adviseert de Commissie UHT om het bezwaar gegrond te verklaren, de bestreden beschikking te herroepen en opnieuw te beslissen met inachtneming van dit advies. Tevens adviseert de Commissie UHT belanghebbende in de beslissing op bezwaar van een antwoord te voorzien op de vraag wat de bepaling van de startdatum van het ontstaan van de KOT-schuld ten gevolge heeft voor de procedure inzake vergoeding van Werkelijke Schade. Ten slotte adviseert de Commissie om het verzoek om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand toe te wijzen.
[handtekening]
Secretaris
[handtekening]
Fungerend voorzitter