Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

BAC 2023-14414

Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen

Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)

Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende

Primair besluit: 11 september 2023 (UHT-DCH)

Hoorzitting: 11 mei 2026

Overdracht advies aan UHT: 1 juni 2026

Samenvatting

De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar gedeeltelijk gegrond te verklaren en het verzoek om een proceskostenvergoeding toe te wijzen.

Onderwerp van advies

Het door gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift is gericht tegen de door UHT genomen definitieve beschikking kinderopvangtoeslag (hierna: het bestreden besluit).

Aan belanghebbende is met toepassing van de Wet hersteloperatie toeslagen (hierna: Wht) compensatie toegekend voor een bedrag van € 22.775 voor de maanden januari tot en met juli en december 2014 en de jaren 2016, 2017 en 2018 en geen compensatie toegekend voor de jaren 2011, 2012 en 2013, de maanden augustus tot en met november 2014 en het jaar 2015.

Procesverloop

  • Belanghebbende heeft op 22 januari 2021 verzocht om een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) over de jaren 2012, 2015 en 2016. In overleg met gemachtigde heeft de herbeoordeling uiteindelijk plaatsgevonden over de jaren 2011 tot en met 2018.
  • De Commissie van Wijzen (hierna: CvW) heeft haar beoordeling van het eerste verzoek van belanghebbende op 26 april 2023 aan Belastingdienst/Toeslagen toegestuurd. De CvW heeft geoordeeld dat de compensatieregeling van artikel 2.1, eerste lid, van de Wet niet van toepassing is voor de toeslagjaren 2012 en 2015.
  • De Commissie van Wijzen (hierna: CvW) heeft haar beoordeling van het tweede verzoek van belanghebbende op 21 juli 2023 aan Belastingdienst/Toeslagen toegestuurd. De CvW heeft geoordeeld dat de compensatieregeling van artikel 2.1, eerste lid, van de Wet niet van toepassing is voor de toeslagjaren 2011 en 2013.
  • UHT heeft bij het bestreden besluit met kenmerk UHT-DCH aan belanghebbende een compensatie toegekend voor een bedrag van € 22.775 voor de maanden januari tot en met juli en december 2014 en de jaren 2016, 2017 en 2018 en geen compensatie toegekend voor de jaren 2011, 2012 en 2013, de maanden augustus tot en met november 2014 en het jaar 2015.
  • Gemachtigde heeft bij brief van 12 oktober 2023 tegen dit besluit een bezwaarschrift ingediend.
  • UHT heeft op 8 september 2025 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift.
  • Op 11 mei 2026 heeft een hoorzitting plaatsgevonden. Van de hoorzitting is een verslag gemaakt, dat achter het advies is gevoegd.
  • Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en twee commissieleden

Ontvankelijkheid en algemene opmerkingen

Niet in geschil is dat het bezwaar ontvankelijk is.

Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit

Tijdens de hoorzitting bij de Commissie heeft gemachtigde aangegeven dat hij enkel nog verzoekt om de compensatieberekening aan te passen, zoals vermeld in de beschouwing, en dat hij verder geen gronden van bezwaar wenst aan te voeren.

De Commissie constateert dat UHT de compensatieberekening voor de toeslagjaren 2014, 2016, 2017 en 2018 opnieuw heeft uitgevoerd in de beschouwing van 8 september 2025. Uitkomst daarvan is dat de compensatieberekening op verschillende onderdelen zal worden aangepast. Hierdoor zullen de onderdelen n (immateriële schadevergoeding) en p (1% van het subtotaal) opnieuw worden berekend in de beslissing op bezwaar. De Commissie acht de berekening en de toelichting van UHT daarop navolgbaar en begrijpelijk. De Commissie adviseert UHT het bezwaar op dit punt gegrond te verklaren en in haar beslissing op bezwaar de bedragen aan te passen overeenkomstig hetgeen zij daarover opmerkt in haar beschouwing.

De Commissie is wat betreft de overige onderdelen van het bezwaar van oordeel dat deze, op zichzelf bezien noch in onderling verband gelezen, tot het door belanghebbende gewenste resultaat kunnen leiden. De Commissie neemt hierbij in overweging dat gemachtigde tijdens de hoorzitting bij de Commissie heeft verklaard dat het bezwaar enkel nog ziet op de compensatieberekening.

Proceskosten

Nu het primaire besluit naar de mening van de Commissie dient te worden herroepen, adviseert de Commissie tot toewijzing van het verzoek om vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in deze bezwaarprocedure. Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht heeft belanghebbende recht op een forfaitaire vergoeding op basis van twee procespunten (bezwaarschrift en verschijnen hoorzitting) met een wegingsfactor 2.

Net als in eerdere zaken adviseert de Commissie daarbij de hoogste vergoeding per procespunt toe te kennen.

Conclusie

Samengevat adviseert de Commissie om het bezwaar gedeeltelijk gegrond te verklaren en het verzoek om een proceskostenvergoeding toe te wijzen.

[handtekening]

Secretaris

[handtekening]

Fungerend voorzitter