Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

BAC 2023-14238

Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen

Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)

Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende

Primair besluit: 29 maart 2023 met kenmerk UHT-DCHA

Hoorzitting: 15 september 2025 om 10:15 uur

Overdracht advies aan UHT: 1 oktober 2025

Samenvatting

De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar ongegrond te verklaren, het bestreden besluit niet te herroepen en geen proceskostenvergoeding toe te kennen.

Onderwerp van advies

Het door gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift is gericht tegen het door UHT genomen definitieve besluit compensatie kinderopvangtoeslag (hierna: het bestreden besluit).

Aan belanghebbende is met toepassing van de Wet hersteloperatie toeslagen (hierna: Wht) geen compensatie toegekend voor de jaren 2008 tot en met 2011.Het door gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift is gericht tegen het door UHT genomen definitieve besluit compensatie kinderopvangtoeslag (hierna: het bestreden besluit).

Aan belanghebbende is met toepassing van de Wet hersteloperatie toeslagen (hierna: Wht) geen compensatie toegekend voor de jaren 2008 tot en met 2011.

Procesverloop

  • Belanghebbende heeft op 15 februari 2021 verzocht om een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) over de jaren 2008 tot en met 2011.
  • De Commissie van Wijzen (hierna: CvW) heeft haar beoordeling van het verzoek van belanghebbende op 2 maart 2023 aan de Belastingdienst/Toeslagen (hierna: B/T) toegestuurd. De CvW heeft geadviseerd dat de compensatieregeling van art. 2.1, eerste lid, van de WhT niet van toepassing is voor de toeslagjaren over 2008 tot en met 2011.
  • UHT heeft bij het bestreden besluit aan belanghebbende medegedeeld dat zij geen recht heeft op compensatie voor de jaren 2008 tot en met 2011.
  • Gemachtigde heeft bij brief van 2 mei 2023 tegen dit besluit een bezwaarschrift ingediend.
  • Gemachtigde heeft bij brief van 8 maart 2025 het bezwaarschrift aangevuld.
  • UHT heeft op 18 juni 2025 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift.
  • Op 15 september 2025 heeft een hoorzitting plaatsgevonden. Van de hoorzitting is een verslag gemaakt, dat achter het advies is gevoegd.
  • Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter, eerste commissielid, tweede commissielid.

Ontvankelijkheid en algemene opmerkingen

Niet in geschil is dat het bezwaarschrift ontvankelijk is.

Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit

De Commissie ziet zich gesteld voor de vraag of UHT terecht en op goede gronden is gekomen tot haar beslissing om het verzoek van belanghebbende om compensatie of tegemoetkoming af te wijzen.

Afwijzing compensatie

Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de integrale beoordeling over de toeslagjaren 2008 tot en met 2011. De Commissie overweegt als volgt. Bij schriftelijke reactie in deze bezwaarprocedure heeft UHT het standpunt ingenomen dat over deze toeslagjaren geen sprake is geweest van vooringenomen handelen, hardheid bij de uitvoering van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) of een onterechte opzet/ grove schuld (O/GS) kwalificatie. Over deze jaren was evident geen sprake van recht op KOT aldus UHT. In haar beoordeling heeft UHT zich mede gebaseerd op de onherroepelijke strafrechtelijke veroordeling van belanghebbende over de jaren 2008 tot en met 2011 met betrekking tot het medeplegen van oplichting, het opzettelijk niet verstrekken van gegevens en het witwassen van KOT gelden.

Belanghebbende heeft in het kader van deze bezwaarprocedure verklaard dat een derde (een kennis, vermoedelijk een nicht) de KOT heeft aangevraagd en geregeld. Zij heeft kennelijk ook haar Digi-D gegevens aan deze kennis gegeven. Vervolgens heeft belanghebbende aan de kennis maandelijks een bedrag betaald van ongeveer € 1.300,-. De Commissie overweegt dat het tot de eigen verantwoordelijkheid van belanghebbende behoort, en daarmee voor haar rekening en risico komt, dat zij de KOT door een derde heeft laten aanvragen én daartoe haar Digi-D gegevens aan die derde heeft verschaft.

Op die manier zijn onjuiste gegevens doorgegeven aan B/T. Belanghebbende is voor de jaren 2008 tot en met 2011 strafrechtelijk veroordeeld voor het medeplegen van oplichting, het opzettelijk niet verstrekken van gegevens en het witwassen van KOT gelden. De Commissie is van opvatting dat UHT deze veroordeling in haar beoordeling of belanghebbende recht heeft op compensatie over het toeslagjaar 2008 tot en met 2011, mag betrekken. Zij komt tot de conclusie dat de afwijzing van UHT over deze periode juist is geweest. De Commissie acht de bezwaren van belanghebbende ongegrond.

Schending zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel

UHT heeft bij de bestreden beschikking herbeoordeelde toeslagjaren toegelicht waarom belanghebbende onder de Wht geen aanspraak kan maken op compensatie. Uit het dossier volgt dat UHT per toeslagjaar zorgvuldig naar alle feiten en omstandigheden heeft gekeken.

Bij haar schriftelijke reactie van 18 juni 2025 heeft UHT een uitgebreid dossier en aanvullende producties overgelegd. Het komt de Commissie voor dat belanghebbende hiermee kon beschikken over de op de zaak betrekking hebbende stukken. De Commissie is van oordeel dat UHT bij de totstandkoming van de bestreden beschikking zorgvuldig heeft gehandeld en dat de bestreden beschikking deugdelijk is gemotiveerd.

Proceskostenvergoeding

Het bezwaar is naar opvatting van de Commissie ongegrond. Er is geen aanleiding voor herroeping van het bij bezwaar bestreden besluit. De Commissie ziet, gelet op het bepaalde in artikel 7:15 lid 2 Awb, geen aanleiding om te adviseren een proceskostenvergoeding toe te kennen.

Conclusie

Samengevat adviseert de Commissie om het bezwaar ongegrond te verklaren, het bestreden besluit niet te herroepen en geen proceskostenvergoeding toe te kennen.

Secretaris

Fungerend voorzitter