BAC 2023-13975
Publicatiedatum 22-07-2026
Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen
Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)
Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende
Primair besluit: 15 juli 2022 (UHT-DHR)
Hoorzitting: 28 april 2026
Overdracht advies aan UHT: 15 mei 2026
Samenvatting
De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar gericht tegen het besluit van 15 juli 2022 met kenmerk UHT- DHR gedeeltelijke gegrond te verklaren.
Onderwerp van advies
Het door gemachtigde ingediende bezwaarschrift van 4 augustus 2023 is gericht tegen het door UHT genomen definitieve besluit herbeoordeling kinderopvangtoeslag van 15 juli 2022 met kenmerk UHT-DHR (hierna: het bestreden besluit).
Aan belanghebbende is met toepassing van de Compensatieregeling CAF 11 en vergelijkbare (CAF-)zaken van 28 augustus 2020 (Stcrt. 2020, nr. 45904;) compensatie toegekend van € 96.180 voor de jaren 2007 tot en met 2010.
Op 5 november 2022 is de Wet van 2 november 2022 houdende regels ten behoeve van de hersteloperatie toeslagen (Wet hersteloperatie toeslagen, hierna: Wht) in werking getreden. Gelet op het bepaalde in de artikelen 8.6 en 9.2 Wht moet het bestreden besluit geacht worden te zijn genomen op grond van artikel 2.1 en verder van de Wht.
Procesverloop
- Belanghebbende heeft op 21 januari en 19 mei 2021 verzocht om een herbeoor-deling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) over de jaren 2007 tot en met 2010.
- UHT heeft bij het bestreden besluit aan belanghebbende een compensatie toegekend voor een bedrag van € 96.180.
- Gemachtigde heeft bij brief van 4 augustus 2023 tegen dit besluit bezwaar gemaakt.
- Belanghebbende heeft aangegeven dat zij momenteel geen gemachtigde meer heeft en heeft op 18, 22, 23, 29 en 30 april 2026 aanvullende bezwaren en stukken ingediend.
- UHT heeft op 19 augustus 2025, 21 en 23 april 2026 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift en de aanvullende gronden.
- Op 28 april 2026 heeft een hoorzitting plaatsgevonden. Van de hoorzitting is een verslag gemaakt, dat achter het advies is gevoegd.
- UHT heeft, daartoe door de Commissie ter zitting verzocht, op 4 mei 2026 een nadere schriftelijke reactie ingediend en deze is ter informatie doorgestuurd naar belanghebbende.
- Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en twee commissieleden.
Ontvankelijkheid
Niet in geschil is dat het bezwaar ontvankelijk is.
Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit
Ontbrekende stukken/volledige dossier
Belanghebbende stelt dat zonder het volledige persoonlijke dossier niet kan worden beoordeeld of alle relevante stukken aanwezig zijn. De Commissie volgt dit standpunt niet. De schriftelijke reactie en de op de zaak betrekking hebbende stukken zijn aan gemachtigde toegezonden. De Commissie heeft geen aanknopingspunten gevonden om aan te nemen dat hier niet is voldaan aan de in artikel 7:4, lid 2, Algemene wet bestuursrecht neergelegde verplichting om alle op de zaak betrekking hebbende stukken ter inzage te leggen. De Commissie adviseert UHT daarom om dit onderdeel van het bezwaar ongegrond te verklaren.
Zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel
Belanghebbende betoogt dat het bestreden besluit onvoldoende zorgvuldig tot stand is gekomen. Voor zover sprake is van een onzorgvuldige voorbereiding van het bestreden besluit, kan dit gebrek naar het oordeel van de Commissie in de beslissing op bezwaar door UHT worden hersteld aan de hand van wat daarover in haar (aanvullende) beschouwing is opgemerkt. Op dit punt treft het bezwaar geen doel.
Compensatie voor discriminatie
Belanghebbende verzoekt de Commissie om een inhoudelijke beoordeling met betrekking tot de discriminatie.
De Commissie merkt op dat deze bezwaargrond buiten het bestek van de Wht en de bevoegdheid van de Commissie valt. De door belanghebbende gestelde omstandigheid kan, gelet op het hier toepasselijke regelgevende kader, niet tot het door belanghebbende gewenste resultaat leiden. De Commissie kan daarom niet aan dit verzoek voldoen.
Compensatie
Volgens UHT is over de periode 2007 tot en met 2010 sprake van hardheid.
Op basis hiervan is aan belanghebbende compensatie toegekend. UHT verwijst voor de uitleg van de compensatieberekening naar de bijlage van het bestreden besluit, de (nadere) schriftelijke reacties en het informatie- en beoordelings-formulier.
De Commissie is van oordeel dat de tijdens de hoorzitting van 28 april 2026 besproken brief van B/T van 10 februari 2018 er niet aan in de weg staat dat voor wat betreft toeslagjaar 2008 een bedrag van € 8.596 in mindering is gebracht (de g-component). Het feit dat dit bedrag niet meer behoefde te worden terugbetaald maakt niet dat sprake is geweest van betaling. De Commissie ziet geen aanknopingspunten voor de stelling dat het LIC-verzicht betreffende toeslagjaar 2008 geen correcte weergave zou geven en acht de compensatieberekening op dit punt derhalve juist uitgevoerd.
UHT heeft aangegeven dat de componenten g (ten aanzien van toeslagjaar 2007), n, o en p onjuist zijn. De Commissie adviseert UHT om de componenten in de beslissing op bezwaar overeenkomstig haar eigen standpunt aan te passen.
Aanvullende compensatie
Belanghebbende is van mening dat zij niet voldoende gecompenseerd is voor de gevolgen van de terugvorderingen.
De Commissie overweegt dat deze bezwaarschriftprocedure alleen betrekking heeft op de toekenning van de standaardvergoedingen (de zogeheten forfaitaire bedragen) en niet op de vergoeding van de werkelijke schade. Voor het vragen van aanvullende vergoeding van werkelijke schade kan gebruik gemaakt worden van de mogelijkheden, als vermeld op de website van UHT: in Home | Schadeherstel Toeslagen. [1]
[1] Aanvullende schade | Herstel Toeslagen (UHT)
Conclusie
Samengevat adviseert de Commissie om
- het bezwaar tegen de definitieve beschikking herbeoordeling KOT (UHT-DCH) gegrond te verklaren ten aanzien van de componenten g, n, o en p en alle, ingevolge de Wht, daarmee samenhangende, vergoedingen opnieuw te berekenen met inachtneming van dit advies en de bezwaren voor het overige ongegrond te verklaren.
[handtekening]
Secretaris
[handtekening]
Fungerend voorzitter