Ga direct naar de inhoud Ga direct naar de filters Ga direct naar de footer

BAC 2025-15349

Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen

Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)

Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende

Primair besluit: 1 februari 2024 (UHT-DCHO)

Hoorzitting: 17 april 2026 om 12:00 uur

Overdracht advies aan UHT: 17 april 2026

Samenvatting

De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar gegrond te verklaren en een proceskostenvergoeding toe te kennen.

Onderwerp van advies

Het door gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift is gericht tegen de door UHT genomen definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag.

Aan belanghebbende is met toepassing van de Wet hersteloperatie toeslagen (hierna: Wht) compensatie toegekend voor een bedrag van €23.419,-, aangevuld tot €30.000,- op grond van de Catshuisregeling, voor de jaren 2010 en 2011 en geen compensatie toegekend voor het jaar 2012.

Procesverloop

  • Belanghebbende heeft op 16 februari 2021 verzocht om een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) over de jaren 2010 en 2011. UHT heeft eveneens het jaar 2012 betrokken in de herbeoordeling.
  • UHT heeft bij brief van 26 april 2021 aan belanghebbende medegedeeld dat zij nog niet in aanmerking komt voor een betaling van €30.000,-.
  • De Commissie van Wijzen (hierna: CvW) heeft haar beoordeling van het verzoek van belanghebbende op 22 januari 2024 aan UHT toegestuurd. De CvW heeft geadviseerd dat de Dienst Toeslagen zich terecht op het standpunt stelt dat de compensatieregeling van artikel 2.1, eerste lid, van de Wht niet van toepassing is voor het toeslagjaar 2012.
  • UHT heeft bij de bestreden beschikking aan belanghebbende een compensatie toegekend voor een bedrag van € 23.419,-, aangevuld tot €30.000 op grond van de Catshuisregeling, voor de jaren 2010 en 2011 en geen compensatie toegekend voor het jaar 2012.
  • Gemachtigde heeft bij brief van 12 maart 2024 tegen deze beschikking een bezwaarschrift ingediend.
  • UHT heeft op 4 maart 2025 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift.
  • Op 17 april 2026 heeft een hoorzitting plaatsgevonden. Van de hoorzitting is een verslag gemaakt, dat achter het advies is gevoegd.
  • Op verzoek van de Commissie heeft UHT op 6 mei 2026 schriftelijk de tijdens de hoorzitting gedane toezegging om alsnog compensatie toe te kennen voor het toeslagjaar 2012 bevestigd.
  • Bij schrijven van 11 mei 2026 heeft gemachtigde hierop gereageerd.
  • Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en twee commissieleden.

Ontvankelijkheid

Niet in geschil is dat het bezwaarschrift ontvankelijk is.

Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit

Naar aanleiding van het verhandelde ter hoorzitting stelt de Commissie vast dat de bezwaren nog uitsluitend zijn gericht tegen de afwijzing van compensatie door UHT voor het toeslagjaar 2012.

Tijdens de hoorzitting heeft UHT gezegd bereid te zijn voor dit toeslagjaar alsnog compensatie toe te kennen. Bij e-mail van 6 mei 2026 heeft UHT bevestigd dat de neerwaartse correctie van € 7.684 naar € 2.425 zal worden gecompenseerd op basis van hardheid en dat de volledige uitwerking en de compensatieberekening bij de beslissing op bezwaar zullen worden opgenomen. Gemachtigde heeft bij schrijven van 11 mei 2026 medegedeeld dat belanghebbende met dit voorstel akkoord gaat. De Commissie neemt hiervan met instemming kennis en adviseert UHT om haar toezegging gestand te doen. 

Proceskostenvergoeding
Nu de Commissie het bezwaar tegen de bestreden beschikking gegrond acht en adviseert om het besluit te herroepen, adviseert de Commissie om het verzoek voor vergoeding van de kosten van rechtsbijstand in deze bezwaarprocedure toe te wijzen. Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht heeft belanghebbende recht op een forfaitaire vergoeding op basis van twee procespunten (indienen van het bezwaarschrift en verschijnen hoorzitting) met een wegingsfactor 2. Net als in eerdere zaken adviseert de Commissie daarbij de hoogste vergoeding per procespunt toe te kennen.

Conclusie

Samengevat adviseert de Commissie om het bezwaar gegrond te verklaren en om:

  • Het bestreden besluit met kenmerk UHT-DCHO te herroepen voor zover daarbij compensatie voor het toeslagjaar 2012 is afgewezen;
  • Alsnog compensatie toe te kennen op grond van hardheid voor het toeslagjaar 2012 en daartoe een nieuwe compensatieberekening te maken, voorzien van een toelichting, en de, ingevolge de Wht, daarmee samenhangende, vergoedingen opnieuw te berekenen met inachtneming van dit advies, en daarbij, conform het door UHT zelf op dit punt gehanteerde beleid, de einddatum van de daarvoor in aanmerking komende vergoedingen vast te stellen op de datum tot aan de dagtekening van de beslissing op bezwaar en het bestreden besluit in zo verre herroepen;
  • een vergoeding van de proceskosten voor de onderhavige bezwaarprocedure toe te kennen van twee procespunten met wegingsfactor twee voor het hoogste tarief.

[handtekening]

Secretaris

[handtekening]

Fungerend voorzitter