BAC 2025-16898
Publicatiedatum 22-07-2026
Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen
Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)
Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende
Primair besluit: 14 oktober 2024 (UHT-DCHO)
Hoorzitting: geen
Overdracht advies aan UHT: 12 mei 2026
Samenvatting
De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar ongegrond te verklaren en geen proceskostenvergoeding toe te kennen.
Onderwerp van advies
Mevrouw (naam) (hierna: gemachtigde) heeft namens mevrouw (naam) (hierna: belanghebbende) bezwaar gemaakt tegen het besluit van 14 oktober 2024 waarbij belanghebbende is meegedeeld:
- dat er bij de herbeoordeling over de toeslagjaren 2011 tot en met 2019 is gebleken van fouten met betrekking tot de toeslagjaren 2012, 2013 en 2014 en dat belanghebbende daarom recht heeft op een compensatiebedrag van € 23.546.
Procesverloop
- Belanghebbende heeft een verzoek gedaan voor een herbeoordeling van haar kinderopvangtoeslag (hierna: KOT).
- Bij brief van 26 januari 2022 is belanghebbende meegedeeld dat zij, in het kader van de eerste toets, recht heeft op een betaling van € 30.000.
- Bij brief van 14 oktober 2024 is het bestreden besluit genomen.
- Bij brief van 19 november 2024 heeft gemachtigde tegen dit besluit bezwaar gemaakt.
- Op 16 december 2025 heeft UHT een schriftelijke reactie ingediend.
- Gemachtigde heeft op 11 mei 2026 aangegeven dat belanghebbende ervan afziet te worden gehoord op het bezwaarschrift. De Commissie ziet, op grond van artikel 7:3, onder c, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb), daarom af van het horen van belanghebbende.
- Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en 2 commissieleden.
Ontvankelijkheid
Niet is geschil is dat het bezwaarschrift ontvankelijk is.
Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit
De Commissie stelt vast dat belanghebbende voor de toeslagjaren 2012, 2013 en 2014 is gecompenseerd wegens institutioneel vooringenomen handelen.
Herbeoordeelde toeslagjaren
De KOT voor 2015, 2016 en 2018 is, naar op grond van de stukken aannemelijk is geworden, bijgesteld naar aanleiding van het aantal afgenomen opvanguren, wijziging van het toetsingsinkomen en een stopzetting door belanghebbende.
De Commissie heeft geen aanleiding om te twijfelen aan de producties waaruit een en ander blijkt.
Met betrekking tot de toeslagjaren 2011 en 2017 hebben er geen neerwaartse correcties plaatsgevonden. In dat geval bestaat, in beginsel, geen recht op compensatie.
Verder wijst de Commissie erop dat UHT alleen beslissingen van Belastingdienst/ Toeslagen (B/T) tot 23 oktober 2019 beoordeelt, tenzij sprake is van een causaal verband tussen onrechtmatig handelen van B/T van vóór 23 oktober 2019 en beslissingen van B/T van na 23 oktober 2019. Over toeslagjaar 2019 zijn alle beslissingen na 23 oktober 2019 genomen. Gesteld noch is gebleken dat er sprake is van een causaal verband met een onrechtmatige handelwijze van B/T van voor die datum. Daarom laat de Commissie dit toeslagjaar verder buiten beschouwing.
De slotsom is dat de verplichting tot terugbetaling van de KOT het gevolg is van reguliere correcties. Dat kan niet worden aangemerkt als institutioneel vooringenomen handelen. De reguliere correcties wijzen ook niet op onbillijkheden vanwege de hardheid waarmee het wettelijk systeem werd toegepast.
Daarbij ligt het in de aard van een voorschot besloten dat de werkelijke, later vast te stellen aanspraak, op een lager bedrag kan uitkomen. Aan een voorschot kan in beginsel niet het gerechtvaardigde vertrouwen worden ontleend dat een definitieve aanspraak op een daarmee overeenstemmend bedrag bestaat.
Compensatieberekening
Een aantal componenten in de compensatieberekening is in het voordeel van belanghebbende onjuist vastgesteld. Het corrigeren van deze bedragen zou in het nadeel uitvallen voor belanghebbende. Daarom adviseert de Commissie deze bedragen te handhaven in de beslissing op bezwaar.
Conclusie
Samengevat adviseert de Commissie om:
- het bezwaar ongegrond te verklaren;
- geen proceskostenvergoeding toe te kennen.
[handtekening]
Secretaris
[handtekening]
Fungerend voorzitter