BAC 2025-15774
Publicatiedatum 16-07-2026
Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen
Aan: Belastingdienst/Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (hierna: UHT)
Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende
Primair besluit: 27 september 2023 (UHT-DCHA)
Overdracht advies aan UHT: n.t.b.
Samenvatting
De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar ongegrond te verklaren.
Onderwerp van advies
Het door de gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift is gericht tegen de door UHT genomen definitieve beschikking compensatie kinderopvangtoeslag met kenmerk UHT-DCHA.
Aan belanghebbende is met toepassing van de Wet hersteloperatie toeslagen (hierna: Wht) geen compensatie toegekend voor de toeslagjaren 2017 tot en met 2019.
Procesverloop
- Belanghebbende heeft op 18 februari 2021 verzocht om een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) over de toeslagjaren 2017 tot en met 2019.
- UHT heeft bij besluit van 17 december 2021 aan belanghebbende medegedeeld dat zij (nog) niet in aanmerking komt voor een betaling van € 30.000 op grond van de Catshuisregeling.
- UHT heeft bij voorlopige beschikking van 29 augustus 2023, met kenmerk UHT-VCH A, aan belanghebbende medegedeeld dat zij niet in aanmerking komt voor één van de drie herstelregelingen.
- De Commissie van Wijzen (hierna: CvW) heeft haar beoordeling van het verzoek van belanghebbende op 15 september 2023 aan UHT toegestuurd. De CvW heeft geadviseerd dat gedurende de betrokken jaren geen sprake is geweest van institutionele vooringenomenheid of bijzondere omstandigheden.
- UHT heeft bij de definitieve beschikking van 27 september 2023, met kenmerk UHT-DCHA, aan belanghebbende geen vergoeding toegekend voor de toeslagjaren 2017 tot en met 2019.
- Gemachtigde heeft bij brief van 26 maart 2024 tegen deze beschikking een bezwaarschrift ingediend.
- UHT heeft op 1 mei 2025 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift.
- Gemachtigde heeft bij brief van 4 januari 2026 het bezwaarschrift aangevuld.
- Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en 2 commissieleden.
Ontvankelijkheid
Niet is geschil is dat het bezwaarschrift ontvankelijk is.
Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit
De Commissie ziet zich gesteld voor de vraag of UHT op goede gronden geen compensatie of tegemoetkoming heeft toegekend voor de toeslagjaren 2017 tot en met 2019.
Onvolledig dossier/persoonlijk dossier
Belanghebbende stelt dat zonder het volledige persoonlijke dossier geen duidelijk beeld kan worden gevormd over wat zich precies in haar dossier heeft afgespeeld.
De Commissie volgt dit standpunt van belanghebbende niet. De schriftelijke beschouwing en de stukken die daaraan ten grondslag liggen zijn aan belanghebbende toegezonden.
De Commissie vindt dat UHT met het toezenden van deze stukken heeft voldaan aan haar verplichting op grond van artikel 7:4 lid 2 Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) om alle op de zaak betrekking hebbende stukken ter inzage te leggen. Dat kan anders zijn als de belanghebbende een duidelijk aanknopingspunt geeft voor een reden waarom het persoonlijk dossier moet worden afgewacht.
Dat is hier niet gebeurd. De enkele mogelijkheid dat - bij onbekendheid van de stukken in dat dossier - nog relevante informatie ontbreekt, is niet voldoende.
De Commissie adviseert UHT daarom om dit onderdeel van het bezwaar ongegrond te verklaren.
Artikel 19 Awir
Belanghebbende stelt dat de Belastingdienst/Toeslagen (hierna: B/T) op grond van artikel 19 van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (Awir) destijds binnen een termijn van negen maanden definitief had moeten beslissen over de KOT, maar dat niet heeft gedaan. De Commissie is van oordeel dat dit bezwaar – wat daar verder ook van zij - buiten het bereik van deze (bezwaar)procedure valt en laat het daarom verder onbesproken.
Omissies/niet toegekende KOT
Volgens belanghebbende dient UHT de juistheid van de hoogte van de KOT zoals indertijd definitief vastgesteld te beoordelen. De Commissie is van oordeel dat de Wht is bedoeld voor herstel van vooringenomen handelen, van hardheid en/of van een onterechte kwalificatie opzet/grove schuld (hierna: O/GS). De Wht ziet niet op de herziening van in het verleden genomen definitieve KOT beschikkingen.
Een beoordeling daarvan valt buiten de reikwijdte van de Wht. De Commissie adviseert UHT daarom om dit onderdeel van het bezwaar ongegrond te verklaren.
Beoordeling per toeslagjaar
Belanghebbende vindt het opmerkelijk dat voor sommige jaren vooringenomen handelen wordt aangenomen en voor andere jaren weer niet. De Commissie wijst erop dat belanghebbende niet als gedupeerde is aangemerkt en er daarom ook niet vooringenomen handelen voor één van de toeslagjaren is aangenomen.
De Commissie laat deze bezwaargrond dan ook onbesproken.
Informatie uit de KOI-viewer
Belanghebbende stelt dat B/T voor het vaststellen van de KOT niet blindelings op de KOI-viewer mag vertrouwen, omdat kinderopvanginstellingen niet verplicht zijn om de gegevens in de viewer in te vullen.
De Commissie gaat uit van de stelregel dat B/T en UHT mogen uitgaan van de informatie in de KOI-viewer, tenzij er contra-indicaties zijn die het tegendeel aannemelijk maken. Belanghebbende heeft geen informatie naar voren gebracht waaruit blijkt dat de informatie uit de KOI-viewer niet juist is. Deze bezwaargrond treft geen doel.
FSV-lijst
De Commissie stelt vast dat uit het bezwaardossier blijkt dat belanghebbende niet voorkomt op de FSV-lijst. Het FSV-systeem is een systeem dat niet meer wordt gebruikt en daarom uitsluitend kan worden geraadpleegd door medewerkers met een speciale bevoegdheid. UHT heeft niet voldoende bevoegdheden om de door belanghebbende gewenste gedetailleerde informatie te verstrekken.
De Commissie adviseert UHT wel om aan belanghebbende alsnog een schermafdruk van de haar ter beschikking staande informatie te verstrekken tezamen met de beslissing op bezwaar.
O/GS
UHT heeft in de schriftelijke beschouwing, onder verwijzing naar productie 2700004, te vinden op pagina 367 van het dossier, toegelicht dat geen sprake is geweest van een O/GS-kwalificatie. De Commissie gaat er vanuit dat het hier een verschrijving betreft en dat UHT bijlage 1300001 op pagina 213 bedoelt. In het dossier is geen stuk aangetroffen waarin een verzoek van belanghebbende tot het treffen van een betalingsregeling is neergelegd of waarin een dergelijk verzoek is afgewezen. Ook uit andere omstandigheden is niet aannemelijk geworden dat er sprake kan zijn geweest van een onterechte O/GS-kwalificatie. De Commissie acht het bezwaar op dit punt ongegrond.
Discriminatie
De Commissie overweegt dat zij in het kader van de hersteloperatie toeslagen niet de bevoegdheid heeft om te beoordelen of in het geval van een belanghebbende sprake is geweest van discriminatie. De compensatiebeschikking gaat uit van forfaitaire bedragen en houdt geen rekening met individuele omstandigheden.
Bezwaarprocedures
Belanghebbende stelt verder dat over de jaren waarover zij bezwaar heeft gemaakt geen beslissing op bezwaar is genomen en dat om deze reden sprake is van vooringenomen handelen. De Commissie overweegt dat uit de stukken niet is gebleken dat belanghebbende destijds een bezwaar heeft ingediend. Deze bezwaargrond treft daarom geen doel.
Registratie KOI
Belanghebbende heeft aangevoerd dat gebreken in de registratie van een kinderopvanginstelling (hierna: KOI) belanghebbende niet behoren te worden tegengeworpen.
De Commissie stelt vast dat in het geval van belanghebbende niet is gebleken van gebreken in de registratie van de KOI waarvan belanghebbende gebruik heeft gemaakt. De Commissie adviseert UHT derhalve dit onderdeel van het bezwaar ongegrond te verklaren.
Toeslagjaar 2017 tot en met 2019
De Commissie overweegt dat niet aannemelijk is geworden dat bij de toekenning, aanpassing of terugvordering van de KOT voor de toeslagjaren 2017 tot en met 2019 sprake is geweest van institutioneel vooringenomen handelen door de B/T dan wel van hardheid van het stelsel.
In toeslagjaar 2017 hebben er geen neerwaartse correcties plaatsgevonden. Belanghebbende heeft KOT ontvangen die overeenkomt met de aanvraag.
De neerwaartse correctie in KOT over toeslagjaar 2018 was gelegen in door belanghebbende zelf doorgegeven wijzigingen in het aantal afgenomen opvanguren en type opvang. Het BSN nummer van belanghebbende is bij de wijzigingen opgegeven. Hieruit blijkt dat de belanghebbende zelf de wijzigingen heeft doorgevoerd. Het kind, geboren op 7 januari 2014, werd in 2018 vier jaar, waardoor de kinderopvang wijzigde van dagopvang naar buitenschoolse opvang.
De neerwaartse correctie van de KOT in toeslagjaar 2019 was gelegen in een stopzetting per 20 april 2019 door belanghebbende zelf. Ook hier is de stopzetting doorgevoerd met het BSN nummer van belanghebbende. De stopzetting van belanghebbende stemt ook overeen met de KOI-viewer. De opvang voor de kinderen eindigde derhalve op 19 april 2019. Er is geen reden om aan de juistheid daarvan te twijfelen.
Voornoemde bijstellingen zijn conform de wet uitgevoerd. Dergelijke bijstellingen geven in beginsel ook geen aanspraak op een zogenoemde hardheidstegemoetkoming. Volgens belanghebbende is er in haar geval wel sprake van hardheid, omdat de KOT is uitbetaald aan de KOI en vervolgens bij belanghebbende is teruggevorderd. UHT heeft toegelicht dat er € 8.290 aan de KOI is uitbetaald, terwijl de daadwerkelijke opvangkosten € 7.943,78 bedroegen.
Er is dus een bedrag van € 346,22 teveel aan de KOI uitbetaald. De Commissie onderschrijft het standpunt van UHT dat, nu dit bedrag lager is dan € 1.500, er geen sprake is van hardheid. De Commissie heeft geen aanknopingspunten gevonden om hier ten aanzien van belanghebbende anders over te oordelen.
De Commissie adviseert UHT daarom om dit onderdeel van het bezwaar ongegrond te verklaren.
Proceskostenvergoeding
Nu de Commissie niet adviseert het primaire besluit te herroepen, is er geen aanleiding een vergoeding van de proceskosten toe te kennen.
Conclusie
Samengevat adviseert de Commissie om het bezwaar ongegrond te verklaren en om:
- de bestreden beschikking in stand te houden;
- geen proceskostenvergoeding toe te kennen.
[handtekening]
Secretaris
[handtekening]
Fungerend voorzitter