BAC 2025-15502
Publicatiedatum 05-02-2026
Advies van de Bezwaarschriftenadviescommissie hersteloperatie toeslagen
Aan: Dienst Toeslagen / Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen
(hierna: UHT)
Betreft: het bezwaarschrift van belanghebbende
Primair besluit: 11 maart 2024 (UHT-DCHO
Overdracht advies aan UHT: 7 augustus 2025
Samenvatting
De Bezwaarschriftenadviescommissie (hierna: de Commissie) adviseert UHT om het bezwaar ongegrond te verklaren.
Onderwerp van advies
Het door de gemachtigde namens belanghebbende ingediende bezwaarschrift van 19 april 2024 is gericht tegen de door UHT genomen definitieve beschikking herbeoordeling kinderopvangtoeslag van 11 maart 2024 met kenmerk UHT-DCHO.
Aan belanghebbende is met toepassing van de Wet hersteloperatie toeslagen (hierna: Wht) compensatie toegekend voor een bedrag van € 31.403 voor januari tot en met september 2007 en 2010 en geen compensatie toegekend voor oktober tot en met december 2007, 2008, 2009 en 2011.
Procesverloop
- Belanghebbende heeft op 17 en 20 mei 2021 verzocht om een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag (hierna: KOT) over de jaren 2005 tot en met 2011.
- UHT heeft bij de bestreden beschikking van 11 maart 2024 met kenmerk UHT-DCHO aan belanghebbende compensatie toegekend van € 31.403 voor de maanden januari tot en met september 2007 en 2010. UHT heeft geen compensatie toegekend voor oktober tot en met december 2007, 2008, 2009 en 2011.
- Gemachtigde heeft bij brief van 18 april 2024 tegen deze beschikking een bezwaarschrift ingediend.
- UHT heeft op 14 mei 2025 schriftelijk gereageerd op het bezwaarschrift.
- Op 21 juli 2025 heeft belanghebbende per e-mail aangegeven af te zien van het recht om gehoord te worden. Op grond van artikel 7:3, onderdeel c, van de Algemene wet bestuursrecht heeft er daarom geen hoorzitting plaatsgevonden.
- Dit advies wordt uitgebracht door de voorzitter en twee commissieleden.
Ontvankelijkheid
Niet in geschil is dat het bezwaarschrift ontvankelijk is.
Overwegingen ten aanzien van de bezwaren en het bestreden besluit
Ontbrekende stukken/volledige dossier
Gemachtigde stelt dat zonder het volledige persoonlijke dossier niet kan worden beoordeeld of alle relevante stukken aanwezig zijn. De Commissie volgt dit standpunt niet. De schriftelijke reactie en de op de zaak betrekking hebbende stukken zijn aan gemachtigde toegezonden. De Commissie heeft geen aanknopingspunten gevonden om aan te nemen dat hier niet is voldaan aan de in artikel 7:4, lid 2, Algemene wet bestuursrecht neergelegde verplichting om alle op de zaak betrekking hebbende stukken ter inzage te leggen. De Commissie adviseert UHT daarom om dit onderdeel van het bezwaar ongegrond te verklaren.
Compensatie
Volgens UHT is er sprake van vooringenomenheid in de periode van januari tot en met september 2007 en 2010. Op basis hiervan is aan belanghebbende compensatie toegekend. UHT verwijst voor de uitleg van de compensatieberekening naar de bijlage van het bestreden besluit, de schriftelijke reactie en het informatie- en beoordelingsformulier.
UHT heeft aangegeven in de schriftelijke reactie dat de componenten a, c, e en o niet juist zijn berekend. Omdat de aanpassingen in het nadeel van belanghebbende zijn, worden de bedragen niet gecorrigeerd. De Commissie sluit zich aan bij dit standpunt.
Vergoeding proceskosten
Met betrekking tot de kosten van de rechtsbijstand in deze bezwaarprocedure geldt dat, nu het bezwaar in de visie van de Commissie ongegrond is, de belanghebbende geen recht heeft op vergoeding.
Conclusie
Samengevat adviseert de Commissie om het bezwaar ongegrond te verklaren en om het verzoek om proceskostenvergoeding af te wijzen.
[handtekening]
Secretaris
[handtekening]
Fungerend voorzitter